Structureel begrotingssaldo

Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting moet beoordeeld worden of alle structurele lasten worden gedekt door structurele baten. Om dit te bepalen is in de programmabegroting het Overzicht incidentele baten en lasten opgenomen. Onder andere op basis van dit overzicht geeft het structureel begrotingsevenwicht het volgende beeld:

Tabel 4

Omschrijving (bedragen x € 1.000, min = nadeel)

JR 2025

2026

2027

2028

2029

2030

Totale baten exclusief reserves

678.372

747.696

748.077

720.887

725.135

703.043

Totale lasten exclusief reserves

636.001

754.877

743.194

715.958

705.701

699.936

Saldo voor bestemming

42.372

-7.181

4.883

4.929

19.434

3.107

Onttrekkingen aan reserves

55.569

51.661

15.506

15.835

12.217

11.025

Toevoegingen aan reserves

77.202

44.473

18.585

20.675

31.846

14.132

Saldo na bestemming

20.738

7

1.804

89

-195

0

Totale incidentele baten inclusief reserves

119.483

107.165

34.073

34.243

38.855

13.802

Totale incidentele lasten inclusief reserves

173.523

122.246

39.380

37.444

40.480

15.177

Structureel begrotingssaldo

74.777

15.089

7.111

3.290

1.430

1.375

Het structureel begrotingssaldo wordt berekend door de totale lasten en baten te corrigeren met het saldo van de incidentele baten en lasten. Het saldo dat over blijft moet positief zijn (de structurele baten zijn dan groter dan de structurele lasten). Een positief structureel begrotingssaldo geldt voor 2027-2030. In het kader van het financieel beleid van onze gemeente hanteren we als beleidsuitgangspunt dat, wanneer als gevolg van de onzekere financieringssystematiek van het Rijk naar de gemeenten tekorten ontstaan, maximaal de laatste twee jaren van het meerjarenbeeld negatief mogen staan.