Beleidsdoel B: De ruimtelijke omgeving is het resultaat van een zorgvuldige afweging van belangen om het welzijn van de inwoners, ondernemers, werkenden, bezoekers en recreanten te vergroten
Wat willen wij bereiken?
Door het actief betrekken van inwoners en ondernemers bij ruimtelijke ontwikkelingen en het creëren van draagvlak bij direct belanghebbenden, maken we ruimtelijke plannen. Werken en wonen, wonen en recreëren, winkelen en wonen, uitgaan en wonen, alles wordt in samenhang gebracht om een stabiel evenwicht tussen diverse ruimtelijke spanningsvelden te vormen voor het algemeen belang. Wij kiezen hierbij voor een gebiedsgerichte aanpak, waarbij per gebied, samen met de in het gebied betrokkenen, integrale visies en plannen kunnen worden gemaakt. Ruimtelijke kwaliteit en een goed en gezond leefmilieu zijn daarbij onze uitgangspunten.
Wat gaan wij daarvoor doen?
Vaste activiteiten
Activiteit | Omschrijving | Taakveld |
|---|---|---|
Versterken van omgevings kwaliteit | De Omgevingsvisie moet een goede vertaling krijgen naar regels voor het beoordelen van bouwinitiatieven in het Omgevingsplan. Daarvoor stellen we een Nota Omgevingskwaliteit op, een paraplunota waar alles bij elkaar komt, bestaand en toekomstig beleid, om regie te kunnen voeren op de samenhang en de stap naar beoordelingsregels voor het Omgevingsplan te kunnen maken. | 8.1 |
Omgevingsvisie | Sinds 2022 werken we met de Omgevingsvisie Haarlemmermeer 2040. Hierin staan de lange termijn koers en de ambities voor de fysieke leefomgeving. We benutten de omgevingsvisie bij het afwegen van belangen en laten deze doorwerken in de andere instrumenten van de omgevingswet; omgevingsprogramma’s en omgevingsplan. | 8.1 |
Omgevings-programma | In de omgevingsprogramma's worden op termijn het gemeentelijk ruimtelijk beleid en de gebiedsgerichte uitwerkingen ondergebracht. | 8.1 |
Omgevingsplan | In het omgevingsplan staan alle regels voor de fysieke leefomgeving. Het vervangt de oude bestemmingsplannen en onze lokale verordeningen (zoals de kap- en bouwverordening) in één digitaal document. | 8.1 |
Samen met Rijk en MRA werken aan een leefbare en duurzame regio | Samen met het Rijk en de MRA zorgen voor een regio waar het prettig wonen, werken en reizen is. Daarbij staat duurzaamheid centraal, met aandacht voor klimaatadaptatie, energietransitie en een gezonde leefomgeving. | 8.1 |
Activiteiten in 2027
Activiteit | Onderwerpen | Toelichting |
|---|---|---|
Opstellen kaders voor landzijdige ontwikkeling van Schiphol | Resultaat | Nota van Uitgangspunten voor het ruimtelijke ontwikkelingsplan Schiphol. Gebiedsvisies Zuidoost en Noordwest. |
Inhoud | Schiphol heeft grote investeringen aangekondigd voor grootschalig onderhoud, verduurzaming en kunnen ontvangen van grotere en stillere toestellen. De ambities worden door Schiphol uitgewerkt in een ruimtelijk ontwikkelingsplan (ROP). Bij toekomstige ontwikkelingen streven wij de volgende doelen na:
Wij stellen een Nota van Uitgangspunten (NvU) en gebiedsvisies voor de gebieden ten zuidoosten (ZO) en noordwesten (NW) van Schiphol op. Op basis daarvan kan Schiphol een ROP uitwerken en een milieueffectrapportage uitvoeren. De informatie vormt de basis voor de wijziging van het omgevingsplan. | |
Financien | Het grootste deel van de kosten wordt gedekt door het projectbudget ROP Schiphol. Een deel van de kosten voor de gebiedsvisies ZO en NW betalen we uit de reguliere begroting (taakveld 8.1). | |
Maken van een beleids-verkenning gezondheid | Resultaat | Een overzicht van hoe we gezondheid mee kunnen wegen van ruimtelijke plannen. |
Inhoud | Gezondheid is onder de omgevingswet een integraal onderdeel van de afweging bij ruimtelijke plannen. De beleidsverkenning geeft een overzicht van op welke manieren dit voor verschillende aspecten gedaan wordt, maar ook waar er nog kennis en kunde ontbreekt. | |
Financien | We betalen dit uit de reguliere begroting (taakveld 8.1). |
BBV indicatoren
Voor dit beleidsdoel zijn geen BBV indicatoren aanwezig.
Indicatoren Haarlemmermeer
De Leefbarometer
De leefbaarometer is een instrument dat de leefbaarheid van een gemeente, wijk of buurt in kaart brengt op basis van verschillende factoren zoals woningvoorraad, fysieke omgeving, voorzieningen, sociale samenhang, overlast en onveiligheid. De leefbaarometer wordt elke twee jaar gemeten. Het is ontwikkeld door onder meer het ministerie van BZK en wordt vaak gebruikt door gemeenten om beleidskeuzes te onderbouwen. De leefbaarometer geeft een score in leefbaarometerklasse (Uitstekend, Zeer goed, Goed, Ruim voldoende, Voldoende, Zwak, Onvoldoende, Ruim onvoldoende en Zeer onvoldoende) en laat ook de ontwikkeling in de tijd zien, waardoor beleidsmakers trends kunnen volgen en gericht kunnen ingrijpen om de leefbaarheid te verbeteren.
Omschrijving | Eenheid | Bron | 2020 | 2022 | 2024 | 2026 |
Leefbarometer | Oordeel | Min. BZK | Goed | Goed | Goed | n/b1 |
- De cijfers over jaarschijf 2026 worden in 2028 verwacht.
Wat mag het kosten?
Tabel 41
(Bedragen × € 1.000) | JR2025 | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 | |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
Beleidsdoel B: De ruimtelijke omgeving is het resultaat van een zorgvuldige afweging van belangen om het welzijn van de inwoners, ondernemers, werkenden, bezoekers en recreanten te vergroten. | Baten | 5.436 | 59 | 61 | 61 | 61 | 61 |
Lasten | 6.456 | 4.989 | 5.350 | 5.255 | 4.278 | 4.277 | |
Saldo | -1.020 | -4.929 | -5.289 | -5.194 | -4.217 | -4.216 |
Uitsplitsing baten en lasten naar taakveld
(Bedragen × € 1.000) | JR2025 | 2026 | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
|---|---|---|---|---|---|---|
3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur | 43 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
7.4 Milieubeheer | 0 | 1 | 1 | 1 | 1 | 1 |
8.1 Ruimtelijke ordening | 5.393 | 59 | 61 | 61 | 61 | 61 |
Baten | 5.436 | 59 | 61 | 61 | 61 | 61 |
3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur | 50 | 0 | 0 | 0 | 0 | 0 |
7.4 Milieubeheer | 633 | 874 | 800 | 800 | 800 | 800 |
8.1 Ruimtelijke ordening | 5.838 | 4.115 | 4.550 | 4.455 | 3.478 | 3.477 |
Lasten | 6.521 | 4.989 | 5.350 | 5.255 | 4.278 | 4.277 |
Saldo van baten en lasten (B-L) | -1.085 | -4.929 | -5.289 | -5.194 | -4.217 | -4.216 |
Toelichting op de verschillen ten opzichte van het voorgaande jaar
Verschillen ten opzichte van de gewijzigde begroting | 2027 | 2028 | 2029 | 2030 |
|---|---|---|---|---|
Baten | ||||
Overig | 2 | - | - | - |
Totaal Baten | 2 | - | - | - |
Lasten | ||||
1. Woningbouw programma's | - | - | 1.010 | - |
2. Gewijzigde verdeling personeelslasten | -542 | - | - | - |
Overig | 180 | 95 | -33 | 1 |
Totaal Lasten | -362 | 95 | 977 | 1 |
Lasten | |
|---|---|
1. | De middelen voor de woningbouwprogramma's zijn tot en met 2028 incidenteel toegekend. (taakveld 8.1). |
2. | Als gevolg van een gewijzigde verdeling van personeelslasten over de beleidsdoelen is sprake van een extra doorbelasting in 2027 op dit beleidsdoel (taakveld 8.1 en 7.4). |
Beïnvloedbaarheid lasten uitgedrukt in %
Figuur 57
Toelichting
Beïnvloedbaar
De beïnvloedbare lasten zijn lasten die betrekking hebben met de woningbouw programma's.
Niet beïnvloedbaar
De niet-beïnvloedbare lasten zijn bijvoorbeeld kapitaallasten.
Middellange termijn beïnvloedbaar
De lasten die op middellange termijn zijn te beïnvloeden zijn onderhoudscontracten ten behoeve van automatisering.
Ontwikkeling
Het deel beïnvloedbaar daalt in 2029 door de Programmakosten woningbouw zoals beschreven bij de verschillenanalyse. Hierdoor stijgt het aandeel personeelskosten mede door de extra doorbelasting op dit beleidsdoel zoals beschreven bij de verschillenanalyse.
